Veel van de medewerkers woonden in shacks. Vooral in de winter was dat een probleem: lekkende daken, vocht overal. Daardoor waren ze vaak ziek. En dan was er altijd het gevaar van brand. De enige verwarming is voor de meeste shack-bewoners het kookpitje met parafine. Dan ontstaan er gemakkelijk branden, en de shacks staan zo dicht op elkaar dat velen al hun bezittingen verloren. Voor medewerkers van Hokisa is het peace-house gebouwd, waar ook de oudere kinderen kunnen wonen. Een van hen is inmiddels 20 en heeft er een eigen kamer. Ook is er ruimte voor tienermoeders. Het peacehouse is op 18 november 2005 geopend, wederom door
aartsbisschop Tutu en wordt beheerd door een committe van bewoners.