Category Archives: Archief

Hokisa archief

Koninginnedag 2009: een enorm succes

Op 30 april was het druk op en rond het HOKISA plein in Amsterdam Oost / Watergraafsmeer, op de hoek van de Hogeweg en de Arntzeniusweg. Zeker 15 vrijwilligers hielpen mee met de verkoop van tweedehands spullen, koffie met zelfgebakken taart, postkaarten en zonnebloemplantjes. Twee Iraanse trommelaars traden meerdere keren op.

Aan het einde van de (door de aanslag in Apeldoorn toch wat vreemde) dag maakten we de kassa op: we zamelden maar liefst 1137 euro in voor HOKISA! Een ongelooflijk bedrag.

Dank aan allen die op de dag zelf meehielpen of spullen leverden. En vooral aan Karen en Justus, die, samen met hun kinderen, de dag organiseerden, hun huis beschikbaar stelden en de vloer van hun woonkamer al dagen tevoren zagen verdwijnen onder aangeleverde dozen met boeken, kleding en andere verkoopbare waar.

Hieronder enkele foto’s (klik op de foto’s voor een vergroting)

koninginedag2009_2

koninginedag2009_3

koninginedag2009_4

koninginedag2009_5

koninginedag2009_6

koninginedag2009_1

 

Xenophobia (juni 2008)

Ook in Masiphumele sloeg de xenofobie toe, die Zuid Afrika sinds mei 2008 op haar grondvesten doet wankelen. Bewoners ‘uit het buitenland’ werden beroofd en bekogeld met stenen. Meteen de volgende dag heeft de gemeenschap gereageerd. Maatschappelijke organisaties, waaronder Hokisa, belegden een bijeenkomst in het gemeenschapshuis waar de aanwezigen hun afkeuring uitspraken over de agressie tegen onschuldige mede-bewoners. Velen hadden gezien wie de daders waren. Ze werden opgeroepen om gestolen spullen terug te brengen, en een delegatie bezocht bedreigde bewoners om excuses aan te bieden en verzocht hen om toch vooral in Masi te blijven. Ook werd extra politieondersteuning aangevraagd. Het was de eerste keer dat townshipbewoners zelf in actie kwamen tegen de vreemdelingenhaat. Masiphumelele haalde daarmee de voorpagina van landelijke dagbladen.

De staf van Hokisa stuurde op 25 mei de volgende mail:
Dear Friends and Supporters of HOKISA,
In these last days you must have been angry at the violence directed at fellow-Africans within our borders, and will understand our deep dismay and shame at what happened in Masiphumelele, at the looting and crime and the picture conveyed to the world. You will probably also have been anxious about HOKISA itself, as you have supported us so loyally for so long.
Let us put your minds at rest about the children first: They continue to be well cared for and, though they are dismayed at what is happening around them, they are secure at HOKISA. Our team is spending much time in discussions with the older children and in play sessions with the little ones. We don’t hide ugly truths, and we talk openly with them about the xenophobia and prejudice. We also try to be there for the children when they hurt, as they do now with the loss of a beloved teacher and uncertainty about some of their friends.
Our staff have been involved in community action to secure redress for the victims. Lungelo, Shirley and Simphiwe report as follows:
“We are happy that the people of Masiphumelele would not let evil win over good. After the attacks on Thursday night, a series of meetings were convened in the Community Hall, by church leaders, community structures and political organisations. After this a declaration was adopted and signed. We are proud to say that HOKISA is part of that declaration, which guided the Operation Gqogqa (search and retrieve) to locate stolen goods and restore them to their owners. Arrests were made during that process.
On Sunday 25 May another meeting was convened, attended by the Premier of the Western Cape, Ebrahim Rasool, and the MEC for Safety and Security, Leonard Ramatlakane. The Premier in his speech commended and thanked the people of Masiphumelele for setting an example to other communities in South Africa, in respect of redress for injury done. The people of the township said to those that stole from the shops that they should bring the goods back. Even if they stole because they were hungry, what they did was wrong – and they stood up to correct it. Also, as part of the declaration, the leaders of different structures in Masi went to Soetwater, where the foreign nationals have been given shelter. They went there to extend an apology from the people of Masiphumelele to fellow Africans, for the pain caused to them during the attacks, and also to invite them back into the community.
When we left Soetwater, many were preparing to come back, and some have returned already.
In order to provide security for our fellow Africans, the Police must be more visible in Masiphumelele. We as a community should also provide security to our neighbours, because any threat to fellow Africans is a threat to us all.”
With warm regards from all of us at HOKISA, and greetings to you all
Lungelo, Shirley and Simphiwe.

Amakhaya Ngoku (housing project) mei 2008

Een project dat voortkwam uit de community in Masiphumele is Amakhaya ngoku (Houses now). Enkele medewerkers van Hokisa werken als vrijwilliger mee aan de realisering van een
nieuwbouwproject, waar 352 gezinnen gehuisvest kunnen worden. De bouw start
zodra alle bureaucratisch hobbels zijn genomen, naar verwachting nog in 2008.

Donateursbijeenkomst op 22 april 2007

In april 2007 ontvingen we voor de tweede keer twee teamleden van Hokisa uit Zuid-Afrika
en wederom organiseerden we een donateursbijeenkomst. Er kwamen 40 belangstellenden luisteren naar de inspirerende verhalen van Lungelo Nqojana en Mandisa Mahlumba. Het was wederom een hartverwarmende bijeenkomst, die ook nog eens enkele nieuwe donateurs opleverde. In de nieuwsbrief zomer 2007 blikken Lungelo en Mandisa terug op hun bezoek.

Peace house, geopend op 18 november 2005

Veel van de medewerkers woonden in shacks. Vooral in de winter was dat een probleem: lekkende daken, vocht overal. Daardoor waren ze vaak ziek. En dan was er altijd het gevaar van brand. De enige verwarming is voor de meeste shack-bewoners het kookpitje met parafine. Dan ontstaan er gemakkelijk branden, en de shacks staan zo dicht op elkaar dat velen al hun bezittingen verloren. Voor medewerkers van Hokisa is het peace-house gebouwd, waar ook de oudere kinderen kunnen wonen. Een van hen is inmiddels 20 en heeft er een eigen kamer. Ook is er ruimte voor tienermoeders. Het peacehouse is op 18 november 2005 geopend, wederom door
aartsbisschop Tutu en wordt beheerd door een committe van bewoners.

Fotoverslag donateursbijeenkomst 17 April 2005

De teamleden Shirley Malingozi en Simphiwe Nkomombini waren in Nederland, samen met Lutz van Dijk.
Daarom organiseerden we een donateursbijeenkomst op 17 April, waar we ruim 40 trouwe donateurs mochten begroeten.

(klik op de foto voor een vergroting)
donateurs1

Na een welkomswoord van Lutz interviewde Els Shirley en Simphiwe. Ze vertelden open en bevlogen over hun werk in het huis, de township en hun eigen
leven.

(klik op de foto voor een vergroting)
donateurs3

Het was indrukwekkend, je kon een speld horen
vallen.
(klik op de foto’s voor een vergroting)
donateurs4

donateurs2

donateurs5

Een dag in het HOKISA-huis

De bewoners van het HOKISA huis door Perry Tsang, Kaapstad, najaar 2003
We krijgen vaak vragen over de bewoners en de dagelijkse gang van zaken in het HOKISA-huis. Daarom vroegen we Perry Tsang, Nederlandse vrijwilliger van het eerste uur, een dag te beschrijven. De volledige tekst is te lezen op de website www.hokisa.co.za/vrienden van hokisa. Voor deze website kozen we een paar fragmenten waarin u kennis maakt met de bewoners, de staf en enkele momenten op een gewone dag.
Inmiddels wonen er zeven kinderen in het HOKISA-huis: vijf jongens en 2 meisjes tussen ½ en 7 jaar oud. Vanwege de privacy hebben we hun namen veranderd.

Siwo was het eerste kind dat we opnamen. Deze baby werd enorm in de watten gelegd. Daarom noem ik hem vaak ‘Prins Siwo the first’. Lanwoba, ook wel Lalo genoemd, was een bang hoopje ellende toen hij aankwam. De artsen hadden de peuter al opgegeven. Nu is hij de vrolijkste kind dat we hebben. Zami is een stralende kleuter, maar gelukkig ook lekker ondeugend. Thwalosile en Xoluwa zijn broer en zus van ongeveer 7 en 5. Zodra we hun geboorteaktes hebben weten we precies hoe oud ze zijn en kunnen ze (voor het eerst) hun verjaardag vieren. Voorlopig vinden ze iedere dag een feest, vooral het dagelijkse warme bad. De schurft die ze hadden bij aankomst is helemaal weg. Thwalosile bedelde overdag wat centjes bij elkaar voor hun zieke moeder en kookte voor haar en zijn zusje. Nu gaat hij iedere dag trots in zijn schooluniform naar school. Xoluwa is dol op troetelen en gaat iedere ochtend naar de creche. Hun moeder maakt het slecht en is inmiddels opgenomen in een hospice. Lebuhang, een baby die in het begin niets anders deed dan huilen. Nu kijkt hij vrolijk scheel om zich heen, want hij kan niet focussen. Z’n ogen draaien alle kanten op. Ayokha, onze HOKISA-baby is geboren op 1 december 2002, de openingsdag van het HOKISA huis, en dan betekent z’n naam ook nog: WE HEBBEN GEBOUWD. Hij huilt nooit en neemt alle bezoekers onmiddellijk voor zich in. Helaas is hij nog steeds het meest zwake kind en wij moeten blijven vechten voor hem. Tamura. Deze peuter leek bij haar aankomst lichamelijk en geestelijk gehandicapt. Nu loopt ze vrolijk rond. Waarschijnlijk is ze door ondervoeding achter in haar ontwikkeling.
Petelele, nog geen drie, is ons ‘aanloopkind’. Hij stapte op een ochtend verkleumd en smerig tot achter zijn oren zomaar binnen. ‘s Avonds vertrok hij, de volgende morgen huppelde hij weer het huis in. Zo gaat het nu al twee maanden en hij is heel wat kilo’s bijgekomen. Ieder dag gaat hij in bad en hij heeft ook een kleine garderobe aangemeten gekregen. Het is net een mannelijke Pippi Langkous met aanstekelijke pretoogjes.
De medewerkers die er vandaag zijn: Shirley, de moeder-manager van het huis. Mandisa en Nosipho, twee verzorgsters . Lungelo, assistent manager, tuinman en bewaker. En als vrijwilligers Lutz, Karin en ik, vandaag toevallig alle drie: Lutz vanwege zijn bezoek aan de oogarts met Lebuhang en Karin om de indaba mee voor te bereiden.
De dokter Iets na tweeën komt Lutz terug uit het ziekenhuis, boos. Eerst moesten hij, Lebu en zijn moeder uren wachten, en na vijf minuten oppervlakkig onderzoek kregen ze simpelweg te horen dat Lebu waarschijnlijk een hersenbeschadiging heeft. De arts sprak alleen tegen Lutz, in het Engels, en deed geen enkele moeite om het ook aan de moeder uit te leggen. Zij begreep wel dat er iets vreselijk mis was en zachtjes begon te huilen. Daarom vroeg Lutz een andere moeder uit de wachtkamer om de woorden van de arts te vertalen in het Xhosa. Daarop reageerde de man erg ongeduldig en onvriendelijk. Een vervolgafspraak kon – volgens hem – pas over 4 maanden. Lutz heeft besloten nu naar een prive oogarts te gaan. Als wij op tijd zijn kan Lebu misschien nog geholpen worden.
Buiten spelen Om drie uur gaat de HOKISA-speelplaats met schommels, wip en klimrek open voor alle kinderen uit de buurt, zoals elke middag. Vandaag zijn het er zo’n 40. Dit is de enige speelplaats in de township, en de HOKISA-medewerkers doen ook nog spelletjes met hen. Vandaag doet Lungelo een ??? spel. De kinderen adoreren hem. Zami valt van de schommel, en er druppelt bloed langs zijn wang. Shirley pakt hem meteen op en gaat naar de medicijnkast in de ziekenkamer. Ze trekt een paar rubber handschoenen aan, verzorgt zijn wang, geeft hem een knuffel en iets te drinken. Twee minuten later huppelt Zami weer naar buiten en laat iedereen trots zijn Mickey Mouse pleister zien. Voor ons, HOKISA-vrijwilligers, was het een droom om het HOKISA huis te integreren in de gemeenschap, zodat onze kids vriendjes en vriendinnetjes buiten het huis zouden hebben en de vooroordelen over HIV+ en aids zouden afnemen. En het werkt! De buurtkinderen weten dat ze niet ziek worden van spelen met HIV+ kinderen, als ze maar snel een pleister halen als ze bloeden. En zij vertellen dat weer thuis.

Gratis lekkernijen Karin is, na haar lessen op de universiteit, bij Woolworth langsgegaan voor de wekelijkse “afhaaldienst”. Woolworth is een winkelketen waar de gegoede burgerij boodschappen doet, en iedere woensdag schenkt de supermarkt spullen die zij niet meer kan verkopen aan ons, zoals appels met een plekje, verse pasta van gisteren, blikken met een deukje, allerlei groenten… net over de verkoopdatum maar toch: meestal verser dan je ooit bij Albert Heijn in de vakken tegen zal komen. Karin arriveert vandaag met tien kilo pruimen (waar wij heerlijke jam van maken!), twintig bundels groene asperges (soep!) en 24 beroemde Woolworth-sandwiches met zalm en BLT (bacon, lettuce and tomato).
De broodjes moeten meteen op, dus wij snijden ze in tweeën en delen ze uit aan de buurtkinderen. Ze smullen; voor velen is dit de eerste “maaltijd” van de dag. Dan zijn er nog buren, die het bijzonder hard nodig hebben en met wie wij ook elke woensdag delen.
Op kantoor Ondertussen zit Shirley met Karin en Lutz op het kantoortje dingen te regelen en de wekelijkse teamvergadering (indaba) voor te voorbereiden. Shirley belt de sociaal werkster die al vijf weken geleden beloofde een formulier te ondertekenen en langs te brengen, maar dat nog niet deed. Shirley blijft rustig en vraagt, nog altijd vriendelijk, voor de honderdste keer wanneer het komt. ‘Morgen’ is het antwoord.
Naar bed Om kwart over zeven liggen alle kinderen in bed. Dat is de regel, en geen kind dat daarover zeurt. Ze babbelen nog wat, maar na tien minuten is het stil. Voordat Lutz en ik naar huis gaan kijken we nog even stilletjes in de kamer van de kleintjes. Alleen Lalo is nog wakker. Hij kijkt me vrolijk aan en vraagt: “Pelly, amasy?” (Water?). Ik breng hem zijn beker, hij neemt een slokje en zegt: “Enkos, Pelly!” (Dank je!). Hij gaat liggen en sluit zijn oogjes. Ik zeg: “Lala kakuhle, Lalo!” (Slaap lekker!) en Lalo antwoordt: “Lala kakuch, Pelly!”. Ik voel me de koning te rijk.
Dank Hopelijk geeft deze tekst een indruk van een dag. Het verhaal vertelt nog niet, hoe fantastisch we ons kunnen voelen als we horen dat een kind sero-negatief blijkt te zijn. Of hoe verdrietig als de bloed-telling (CD4) van een kind uitwijst dat hij meteen aan de AIDS remmers moet, omdat zelfs een gewone verkoudheid gevaarlijk is. Het plezier van verjaardagen, de streken die de kinderen uithalen. De schrik als bij ons thuis de telefoon gaat omdat het plots erg slecht gaat met een van de kids. Maar alles vertellen, dat lukt nooit…. Beste mensen, die HOKISA steunen: Namens ons allen duizend maal dank voor jullie hulp.

De Opening

De opening

Bestuurslid Els woonde (op eigen kosten uiteraard)de opening bij. Els: “Krotten van niks, keurige stenen woningen met een tuintje, kinderen met ijzerdraad-autootjes, rondhangende tieners, aangeschoten drinkers in een schemerige shebeen, huiskamerkroeg. De zaterdag voor de opening loop ik door Masiphumelele, samen met HOKISA-vrijwilligers uit Duitsland en de Verenigde Staten. Voor het eerst in Zuid-Afrika, voor het eerst in een township. Ik voel niets van de dreigende sfeer waar Westerse toeristen voor gewaarschuwd worden. Eerder nieuwsgierigheid en warmte. Het voelt meteen vertrouwd. Natuurlijk vooral dankzij onze gids, HOKISA-medewerker Lungelo. Iedereen weet van HOKISA en is enthousiast of (positief) afwachtend. De middag is iedereen druk in de weer. Bij de toegangspoort ligt nog een berg bouwafval. Zodra we die beginnen op te ruimen, komt een stel buurtkinderen helpen. Ook een paar volwassenen pakken een schop. Aan dat soort dingen merk je: HOKISA is van de gemeenschap.
Zondag 1 december 2002. De opwinding is voelbaar. Buurtbewoners op hun zondags, leden van koren en verenigingen in hun kleurige tenues, overal de witte HOKISA-t-shirts van de ‘marshalls’ die het verkeer regelen. De community-hall is te klein voor alle belangstellenden. Gospels, poëzie, dans, toespraken. Doodse stilte in de zaal als twee vrouwen uit Masi op het podium bekend maken dat ze HIV-positief zijn. Ontzetting op sommige gezichten, bewondering ook voor deze dappere vrouwen. Tutu steelt de show met zijn charme, vrolijkheid en eenvoud. Gejuich onder zijn toespraak. ‘Jezus komt vermomd, ook als aidspatiënt’. En ‘Jezus houdt van ieder evenveel, wel of niet HIV-positief. Iedereen is een very special person, wij allemaal zijn VSP-s’. Na afloop begeeft de stoet zich naar het Hokisa-huis, een paar honderd meter verderop. Tutu loopt gearmd met twee majorettes voorop. Hij imiteert hun swingende pasjes. Na de inzegening onthult Tutu de plaquette naast de voordeur. Op straat, achter het hek, bidden buurtbewoners hardop mee. In het gemeenschapshuis staan maaltijden klaar. Volwassenen drommen samen aan de zijkant, kinderen vormen een rij tot ver op het plein. Het eten is de bijdrage van verschillende sponsors, waaronder supermarkten, een garage en een restaurant uit Vishoek, de gemeente waar Masi onder valt. Het was een geweldige dag. ‘s Avonds zit de opening in twee landelijke journaals én op een zender met programma’s in het Xhosa, de Zuid-Afrikaanse ‘klik’-taal die iedere inwoner van Masi spreekt.We klinken op HOKISA en Lutz, Perry en Karin.

Bestuursleden Dineke en Constance brachten in februari 2003 een bezoek aan Masiphumelele (uiteraard ook op eigen kosten). Hun indrukken: “Als je de hoek om komt, zie je het HOKISA huis liggen: een eenvoudig huis, dat past in z’n omgeving, maar er wel hartstikke goed uitziet! Het is zaterdagmiddag, we worden verwelkomd door de vrijwel complete HOKISA-staf. Trots serveren ze een lunch: met de eerste groenten uit eigen tuin, en die smaken voortreffelijk. De stafleden zijn aardig en zeer betrokken. Net als Els krijgen ook wij een rondleiding door het township. We zien de goede, minder goede en slechte buurten: van solide stenen huisjes tot de onooglijkste krotten. We verbazen ons over de relaxte sfeer, dat hadden we eigenlijk niet verwacht. We lopen ook langs andere projecten in Masiphumelele die met buitenlands geld gefinancierd worden, maar we zien ook de mislukkingen: het geld was op, ‘mismanagement’ etc. Dat mag met HOKISA niet gebeuren, nemen we ons voor. De start was goed en het is nu een kwestie van doorzetten!